Thuiszwemles

Helaas zijn de zwembaden nog een tijdje dicht, maar dit hoeft niet te betekenen dat we helemaal niet meer kunnen oefenen voor het zwemmen.


Op deze pagina vind je een aantal oefeningen die je thuis kan doen. Er wordt gewerkt aan een stukje watervrijheid en onderwaterörientatie. Daarnaast staat deze keer het stroomlijnen, de rugcrawl en de koprol centraal.

Veel plezier met oefenen!

Oefeningen 1 en 2 - Duiken

Wie vind het nou niet leuk om het water in te duiken. In de zwemlessen leren de kinderen hoe ze dit het beste kunnen doen. Nu kunnen we thuis niet het water in duiken. Wel kunnen we aan twee basisvaardigheden oefenen, namelijk de houding en het afzetten.

Oefening 3 -
Borstcrawl Benen

Tijdens de zwemlessen leren de kinderen om de borstcrawl te zwemmen. Een goede stuwing vanuit de benen is hierbij erg belangrijk. Naast de oefeningen die al bij de rugcrawl gedaan zijn, zoals tenen lopen, kunt u ook deze oefening doen.

Oefeningen 4 en 5 -
Borstcrawl Armen

De borstcrawl is een asymmetrische slag. Dat wil zeggen dat de armen en benen ongelijk bewegen. Wanneer er een arm voor is, is de andere arm achter. 

Daarnaast is het ook erg belangrijk dat je voor je schouder in steekt en je arm helemaal lang maakt. Ook na de doorhaal is het belangrijk dat je zover mogelijk uitduwt. Zo maak je zoveel mogelijk gebruik van het water dat je kan pakken.


Oefening 6 -
Borstcrawl Ademhaling

Voor een goede ademhaling is het belangrijk dat de uitgangspositie goed is. Veel mensen kijken tijdens de borstcrawl met hun gezicht naar voren, dit maakt het echter erg lastig om aan de zijkant adem te halen. Het is dan ook belangrijk dat de neus naar de bodem wijst. Vervolgens hoef je eigenlijk alleen nog maar opzij te kijken.

Oefening 7 - Borstcrawl

We hebben nu de benen, armen en de ademhaling geoefend. Dit gaan we nu allemaal met elkaar combineren.

Denk eraan dat er met lange benen gezwommen wordt en dat de armen continue doorgaan.

Oefening 8 -
Koprol

In de zwemlessen leren de kinderen om een koprol in het water te maken. Dit heeft verschillende redenen zo draagt het bij aan de zwemvrijheid van een kind, leert een kind om zich weer te oriënteren nadat het kort gedesoriënteerd is (stukje survival) en is het een begin van het borst- en rugcrawl keerpunt.

Bij een koprol is het belangrijk om klein te blijven en goed je kin op de borst te houden. Let ook op dat je recht rolt en niet over de schouder.

Gaat de koprol vooruit goed, probeer hem dan ook achteruit.